Main Menu
Pandora's Twist
Het verhaal van de doos van Pandora is bij velen bekend. Nadat Prometheus de mensen het vuur gebracht had - nadat Zeus het verboden had en het vuur voor hem had verborgen, aanstak Prometheus een toorts aan de wagen van Helios en gaf de mensen deze kracht - hadden de mensen zoveel macht gekregen dat Zeus het raadzaam achtte hen een kwaad te zenden om deze macht in te perken. Hij vroeg Hefaistos een beeldschone jonge vrouw te maken, Pandora. Alle goden gaven haar een onheilbrengende gave mee en zij verscheen te midden van de mensen. Epimetheus aanvaardde zonder argwaan haar geschenk, een doos. Eenmaal geopend vlogen de ziekten, rampen en smarten eruit en verspreidden zich vliegensvlug over de aarde, die tot dan toe vrij van ziekte en moeite was geweest. De weerloze mensen werden door deze stemloze kwellingen beslopen en bezweken aan koortsen.

Niet het verhaal zelf, of de mythologische personages, maar de dubbelzinnigheid en ambivalentie rond Pandora inspireert de voorstelling Pandora’s Twist. We maken een eigen vertaling van de mythe naar een actueel en universeel maatschappelijk fenomeen:
…degene die kijkt in de box; onbegrensd genot... maar ook onbegrensd leed. De beelddoos, de TV, en wat een doorsnee mens zo gewoon maakt.
De impact van TV op de mens is enorm, en blijft nog onderschat. Het bijzondere van tv is dat honderdduizenden, soms miljoenen mensen op hetzelfde moment naar hetzelfde programma kijken. Miljoenen kijkkastjes staan over de hele wereld. Miljoenen mensen kijken massal naar een ongekende hoeveelheid informatie, waar allerlei dingen aan de orde komen: trends, intelligentie, aansturing, manipulatie, overload, verslaving, dromen, frustraties, reality, kunstmatig, clichés, globalisatie.
Het stuk bestaat uit vijf delen die in elkaar overgaan. De leidraad voor de scènes en hun opvolging zijn genomen uit (cynische) variaties op aliënatie:
- Powerlessness
- Meaninglessnes
- Normlessness
- Isolation
- Self-estrangement
De onderwerpen van de scènes worden vertaald in het lichamelijke gedrag van de uitvoerenden. De choreografische opzet concentrereert zich op die specifieke vormen van fysicaliteit die het thema communiceren, zonder meteen naar de illustratie van het onderwerp te zoeken in nadrukkelijke symboliek, anekdotiek of narrativiteit. Vanuit fysiek gedrag zal er geproduceerd worden posities, formele sequenties, gepassioneerde motieven, strategieën en groepsformaties. Zo schrijft de choreografie fysieke en mentale actie in sequenties die zich baseren op de verleidingen van de vijf gekozen scenario’s. Het visueel element is ook in het lichaamlijk concept aanwezig met extravagante kostuums en fraaie belichting.
De voorstelling wordt uitgevoerd door een musicus, een acteur, twee dansers, video en elektronica. Gelijktijdige en opeenvolgende geluiden, bewegingen en beelden tonen de toeschouwers de sociale codes wat een doorsnee mens zo gewoon maakt. Dit proces levert een spektakel vol van auditieve, visuele en zintuiglijke gebeurtenissen, enerverend oog- en oorstralend totaaltheater.
concept |
Jorge Isaac | |
muziek |
Roderik de Man | |
choreografie |
Kenzo Kusuda | |
performers |
Jorge Isaac (blokfluiten & elektronica), Esra Pehlivanli (altviool), Kenzo Kusuda (dans), Sebo Bakker (acteur) | |
productie |
Visisonor Media Productions (2010) |
